Preek van deze Week

Preek van ds. David van Veen over Lucas 19: 1 – 10 
De Veste Gouda, 10 november 2019 
 
Op een station had iemand in grote letters wit gekalkt: “Jezus is het antwoord!”. Na verloop van tijd had iemand er bijgeschreven:” En wat was de vraag?” Een aardige anekedote die je bepaalt bij de vraag naar het waarom van Jezus? Het waarom van het Christendom? Niet onaardig om over na te denken, ook als je wilt weten of dat Christendom nog toekomst heeft. Zeker misschien wel als je mensen van buiten de kerk wilt benaderen. Ik denk dat de tijd voorbij is om hen dé antwoorden te verkondigen. Ik denk dat het een veel grotere kunst is om te ontdekken wat de vraag eigenlijk is. Wat is de zin van mijn leven? Wat heeft nu echt betekenis voor mij? Geloof ik in een God? Geloof ik in een leven na dit leven of is de dood het einde en hoe leef ik daardan naar toe? Voordat we antwoord geven, eerst maar eens vragen stellen, vragen leren stellen…Als we kijken naar wat de evangelisten over Jezus vertellen dan blijkt hij vooral voor de out-casts op te komen. Maar let op: hij is geen sociaal werker, nee, het gaat hem niet alleen om de armen en weduwen van die tijd. Nee, de overkoepelende karakteristiek is toch dat hij opkomt voor mensen die aan de rand staan. De armen, de weduwen, maar ook de prostituees, de zondaars, de vreemdelingen zoals de Samaritanen, maar ook de rijke tollenaar Zacheus. Jezus komt op voor mensen die aan de rand staan. Als we daar een zaligspreking van zouden maken dan zou die kunnen luiden: Zalig zijn jullie randfiguren, want jullie zullen in het centrum, in het hart staan. 
 
Laten we naar ons verhaal van vandaag gaan waar Jezus Jericho binnenkomt, terwijl hij onderweg is naar Jeruzalem, de heilige stad met het huis van God. Zijn volgelingen verwachten dat het daar eindelijk zou gaan gebeuren. Daar zou iedereen zien wat hij voor een Messias is. Maar het gebeurt niet daar, maar hier in Jericho. Hier wordt de missie van Jezus onderstreept, komt tot een climax. Niet in dat wat heet: ‘het huis van God’, maar hier in het huis van Zacheus. Zacheus is een tollenaar. En niet zomaar één, hij heeft er nog schepje boven op gedaan want hij is de oppertolenaar, de overste van de tollenaars. In ogen van velen een collaborateur, iemand die met de bezetter heult. Zacheus inde de belastingen voor die bezetter, de Romeinen, en dat niet alleen, hij deed dat op zo’n manier dat hij er zelf ook nog eens schathemeltjerijk van was geworden. U kunt zich voorstellen dat de mensen zijn bloed wel konden drinken. En hij was niet alleen klein van stuk, de mensen zagen hem überhaupt niet meer staan, hij lag eruit. En cynisch noemde ze zijn naam Zacheus, dat rechtvaardige betekent. Nee, die Zacheus die kon wat hen betreft de boom in…. 
 
En daar zit hij dan verstopt als Adam in het paradijs tussen de vijgenbladeren. Maar ook iets in hem zelf dreef hem die boom in. Hij was nieuwsgierig, voelde een onvervuld verlangen, hij bleef weliswaar op afstand, maar toch…. Toen liep Jezus langs, keek naar boven en zei: “ Zacheus, kom vlug uit die boom naar beneden, want vandaag moet ik in jouw huis verblijven.” Jezus ziet Zacheus wél zitten en plaats hem van de rand in het midden. Jezus ziet Zacheus, werkelijk, hij schenkt hem zijn bevestigende liefde, zijn erkenning. En met die erkenning vinden we een belangrijke sleutel, want elkaar echt zien, elkaar erkennen, is een belangrijk begin van hoe gestolde communicatie tussen mensen weer kan gaan stromen. Erkenning betekent zien wat iemand heeft gegeven, geprobeerd heeft te geven. Erkenning betekent ook dat je ziet wat iemand tekort is gekomen, wat hem is aangedaan. Zo kan een relatie ontstaan waarin vertrouwen in een ander ontstaat en we zelf ook betrouwbaar zijn. Dan kan er iets in beweging komen, zoals ook bij Zacheus gebeurt die gezien wordt en even later zelfs bereid is de gevolgen van zijn fouten te herstellen. 
 
Jezus ziet Zacheus, plaatst hem in het midden en wil in zijn huis verblijven. Maar de omstanders morden. Tot nu toe waren het vooral die Farizeeers en schriftgeleerden geweest die morden, maar nu zijn het eigenlijk alle mensen. Dit gaat een brug te ver, deze zondaar wordt door hen afgeschreven en buitengesloten. Hij kan de boom in. Dan zijn we getuigen van een opstanding, want er staat geschreven dat Zacheus ging staan en Jezus aanspreekt met mijn Heer. Zacheus geeft blijk van zijn opstanding tot nieuw leven, geeft dat doordat hij gezien is, waardoor ook bij hem iets in beweging is gekomen. Hij heeft iets groters mogen ontvangen waardoor hij van zijn rijkdom durft te geven. De helft geeft aan de armen en hij betaalt hen die hij heeft afgeperst het viervoudige terug. Je zou het wel de coming out van Zacheus kunnen noemen. Hij was gaan staan, zijn foute verleden onder ogen gekomen en probeerde nu genoegdoening te geven, te herstellen waar dat nog kon. Ja, dit ben ik, zegt Zacheus, maar vanaf nu wil ik anders zijn, het anders doen. Zouden wij hem dát na durven zeggen? Ook is het belangrijk om dat hier theologisch duidelijk te markeren. Zijn royale gebaar, zijn poging tot herstel is geen voorwaarde voor de aanvaarding door Jezus. Nee, het is een gevolg van zijn aanvaarding door Jezus. En die volgorde is het evangelie in zijn meest zuivere vorm. Wie wij ook zijn, waar wij ook vandaan komen, wie wij ook zijn, wij worden aanvaard door Jezus en dát mag ons leven veranderen. Dan richt Jezus zich tot de omstanders en horen we: “Vandaag is dit huis redding ten deel gevallen, want ook hij is een zoon van Abraham.“ Gevolgd door het mission statement dat hier in Jericho klinkt: “Want de Mensenzoon is gekomen om te zoeken en te redden wat verloren was.” De mensen die buiten de samenleving staan, de mensen die de boom in kunnen, die mensen plaatst Jezus in het midden. Hij komt op voor mensen die aan de rand staan.  
 
Tomas Halik, een priester en hoogleraar filosofie en sociologie in Praag is door deze figuur van Zacheus geïntrigeerd geraakt. Hij schreef er zelfs een boek over ‘Geduld met God, twijfel als brug tussen geloven en niet-geloven.‘ Voor dit werk ontving hij in 2014 de prestigieuze Templeton Price voor, zeg maar de nobelprijs voor religie. Halik pleit eigenlijk voor een nieuwe bevrijdingstheologie. Maar niet één waarin zoals in de jaren ’60 in Zuidamerikaans landen de armen centraal stonden, maar hij pleit voor een bevrijdingstheologie waarin de Zacheussen centraal staan. En wie zijn die Zacheussen dan? Deze ‘Zacheussen’ zijn, net als hun Bijbelse naamgever, mensen die aan de marge van de geïnstitutionaliseerde kerken in Europa en Noord-Amerika zijn.  Ze zijn niet per se antikerkelijk of atheïstisch, maar ze kijken graag de kat uit de Bijbelse boom. Het zijn de mensen die net als Zachheus misschien wel geinteresseerd zijn in Jezus, maar die wel op afstand staan en het van een afstandje willen bekijken. Het zijn zo gezegd de religieuze zoekers. Het zijn de mensen die hier niet elke zondag zitten of misschien wel nooit komen, maar toch een lijntje hebben met de kerk en geloof, niet de harde kern, maar de mensen aan de rand. Halik vraagt zich af of wij in onze tijd het net als Jezus aan zouden durven hen te roepen en in ons midden toe te laten? Hen echt serieus te nemen? Maar de Zaccheussen vertegenwoordigen nog iets, zegt Halik. Zij lijken ook op ons.  
 
Volgens Halik kunnen zij op een hele bijzondere wijze ‘iets’ bijdragen aan de kerk: deze Zaccheussen hebben namelijk het vermogen om te twijfelen en hun geloof tussen haakjes te zetten. Op deze manier voorkomen ze dat kerkmensen zelfgenoegzaam worden in hun zelfgesneden, dogmatische Godsbeelden, zegt hij. Ook dat is scherp gezegd. Ik versta het zo dat wij elkaar zouden kunnen vinden in het zoeken, in het twijfelen, niet in het steeds harder roepen van de antwoorden, maar in het oprecht stellen van vragen. Het betekent ook dat je de Zaccheus in jezelf mag toelaten, dat je weer leerling durft te worden, zoekend naar en vermoedend van dat eeuwenoude Geheim om te ontdekken en te herontdekken. Om die stem te horen die zegt: ook jij mag er zijn, met al je vragen en twijfels, dat wat lukt en dat wat mis ging. In jouw huis wil ik zijn. Met jou wil ik vandaag samen aan tafel gaan. 
 
Amen 
 
Thomas Halik, Geduld met God, Twijfel als brug tussen geloven en niet-geloven, ISBN 9789023927662