Avondgebed Oudjaar
Overweging van ds. David van Veen
De Veste Gouda, 31 december 2025
Lezing: Mattheus 2: 1 - 12
Vanavond is het formeel de laatste keer dat in Nederland Oud & Nieuw met vuurwerk gevierd zal worden. Dat moeten we nog wel helemaal gaan zien, want handhaving is natuurlijk vers 2. Maar hoe dan ook, voor de een zal er met enige weemoed een traditie voorbijgaan gaan, terwijl voor een ander dit vooral een opluchting zal zijn.
Collectief houden we in ieder geval een hoop geld over, zo’n slordige 120 miljoen euro per jaar en scheelt het een hoop fysieke ellende als het gaat om gesneuvelde ogen en andere lichaamsdelen. Maar nogmaals of volgend jaar de hemel leeg zal zijn, is nog even af te wachten…
Nu was de oorspronkelijke achtergrond van al dat geknal dat we daarmee de boze geesten wilde verjagen die op de loer lagen met het nieuwe jaar in het verschiet. Natuurlijk is dit niet meer de primaire motivatie, maar het is toch op een of andere manier een overgangsritueel.
We sluiten iets af en kijken vooruit. Een moment waarop kwetsbaarheid en vergankelijkheid een thema worden als we letterlijk de jaren gaan tellen. En waarin we elkaar zegenrijk het goede toewensen over het nieuwe jaar dat voor ons ligt.
En is dat ook niet waarom wij hier vanavond bij elkaar zijn. Hier tellen we de jaren, kijken we om en kijken we vooruit. Juist als wij de drempel van een nieuw jaar overgaan, is er dat besef van kwetsbaarheid en vergankelijkheid. Niet voor niets worden op deze avond teksten gelezen van de Prediker of psalm 90 waarin de wisseling van de tijden of de vergankelijkheid wordt gethematiseerd.
En we verjagen hier niet de boze geesten met vuurwerk, maar richten ons wel op Gods goede geest voor wiens aangezicht we onze levens brengen en hem vragen ons te zegenen met het goede. Ook wat wij nu doen, is een eeuwenoud overgangsritueel.
Toch heb ik vanavond niet gelezen van deze bijbelteksten, maar hebben we verder gelezen in het kerstverhaal waarin we hoorden over een ster aan de hemel. Want vuurwerk mag straks dan weliswaar niet meer, maar sterretjes moeten natuurlijk altijd blijven kunnen…
En nu de hemel straks weer leger zal zijn op Ouderjaarsavond ontdekken wij die sterren misschien wel weer meer aan onze hemel. Of zoals psalm 19 het bezingt: “De hemel vertelt van Gods majesteit, het firmament verkondigt het werk van zijn handen.” Die sterrenpracht brengt ons mensen een besef van ontzag en kwetsbaarheid tegelijkertijd. Want “zie ik de hemel, het werk van uw vingers, de maan en de sterren door u daar bevestigd, wat is dan de sterveling dat u aan hem denkt, het mensenkind dat u naar hem omziet?”
Het waren de magiërs die ook deze hemel met hun verrekijkers afspeurden. En aan die hemel hadden zij een bijzondere ster ontdekt, die ze besloten te volgen en zo op reis gingen en uiteindelijk een stal met een kind vonden in Bethlehem.
Ja, zelfs zij die het in de sterren denken te kunnen lezen, komen uiteindelijk toch uit bij het kind van de kribbe. Nu kan ik over die ster van alles gaan zeggen, maar daar is hier nu niet het moment voor. Nee, ik wil die ster vanavond vooral interpreteren als een beeld van Christus zelf.
Jezus wordt namelijk zelf ook wel met een ster geïdentificeerd. Openbaringen noemt Jezus de stralende morgenster en wordt Hij beschreven in de 2e Petrusbrief als de morgenster die opgaat wanneer de dag van de Heer aanbreekt. En in het eerste testament lezen we: Een ster komt op uit Jacob. Een scepter rijst op uit Israël. Een profetische tekst die werd gezien als een verwijzing naar de komst van de Messias, de verwachte koning, die als een ster zou oprijzen.
En zongen ook wij zojuist niet van dat lied:
Hoe helder staat de morgenster
En straalt mij tegen van zover
De luister van mijn leven
Kom tot mij, zoon van David, kom,
Mijn koning en mijn bruidegom.
En waarom nu die morgenster? Allereerst was en is dat een felverlichte ster die je aan de hemel ziet vlak voordat de nieuwe dag aanbreekt. Officieel is het trouwens geen ster, maar gaat het hier om de planeet Venus. Maar dat terzijde want hoe dan ook: de morgenster is een symbool van hoop.
De ster verschijnt namelijk op het moment dat de nacht het koudst is en het langst heeft geduurd. Daarom is de ster een symbool van hoop, van een nieuw begin, van licht dat op het punt staat door te breken…. Een nieuwe dag, een nieuw jaar zal in zijn licht aan gaan breken.
Jezus als die morgenster sluit aan bij de lichtsymboliek die überhaupt sterk voor Christus geldt. Hij zegt ‘t zelfs over zichzelf: “Ik ben het licht van de wereld. Wie mij volgt, loopt nooit meer in de duisternis, maar heeft licht dat leven geeft.”
Jezus wil dus dat licht voor ons zijn, maar wil dat licht ook in ons ontsteken, wil ons verlichten. ‘Ik ben het licht’ is ook een oproep aan ons: dat ook wij dat licht zullen zijn.
Sterker nog in de Bergrede noemt hij ons zelf het licht van de wereld en roept hij ons op om ons licht in de wereld te laten schijnen want een stad bovenop de berg kan niet verborgen blijven en een men steekt ook geen lamp aan om hem onder een korenmaat weg te zetten, nee, men plaatst hem op een standaard, zodat hij licht geeft voor ieder die in huis is.
‘t Vuurwerk is volgend jaar verboden, maar de sterren zullen blijven en nu straks de hemel wellicht leger en stiller wordt, mogen wij de morgenster ontdekken die Jezus Messias voor ons is. Het licht der wereld dat wij volgen, zijn licht dat ons wil verlichten zodat ook wij zelf weer een licht mogen zijn.
Zo zijn we hier gekomen aan het eind van dit jaar, met alles wat daarin was, wat we hebben gedaan en wat we hebben nagelaten, wat we hebben gezegd en wat ongezegd is gebleven, met wie we vonden en met wie we verloren, met alles wat goed was en met alles dat zijn doel heeft gemist en we zeggen het hier samen:
Heer, hier zijn we. Neem ons aan zoals we zijn. Wees voor ons de morgenster die op zal gaan, zodat het nieuwe jaar kan aanbreken. Verlicht ons zodat ook wijzelf een licht zullen zijn.
Zegen ons zo met uw licht en uw goedheid.
Amen.