‘Leven in verbinding/Opnieuw aangesproken.'.
Het thema voor het seizoen 2025-2026 is ‘Leven in verbinding/Opnieuw aangesproken'
GoudAder is een commisie die lezingen organiseert, die de diepte ingaan. Vanaf september 2025 wordt u een 7e serie lezingen vanuit de Veste aangeboden.
Inleiding jaarthema
Tijdens het seizoen 2024–2025 dachten we na over de toekomst van geloven. Het jaarthema van 2025-2026 ‘Leven in verbinding’ sluit hierop aan. Hoe kunnen we met God en met elkaar in verbinding komen? Hoe worden we opnieuw aangesproken? En wat is daarvoor nodig en wat ook niet? Hoe kunnen we ruimtes creëren waarin we leren open te staan voor verbinding — met God én met elkaar? Ruimtes waarin niet alleen het denken centraal staat, maar waarin we ook geraakt worden en de ervaring van echte verbondenheid kunnen opdoen?
De socioloog en filosoof Hartmut Rosa gebruikt hiervoor de term resonantie.
Hierin gaat het om een ontvankelijkheid, een open houding, waarin je een luisterend hart hebt. Rosa stelt dat deze houding van een luisterend hart essentieel is voor onze samenleving en onze democratie. “Democratie betekent niet alleen: ‘Ik heb jou iets te zeggen’, maar ook: ‘Jij hebt mij iets te zeggen. Ik laat me door jou aanspreken.’ Volgens Rosa zijn we in onze moderne samenleving dat luisterend hart meer en meer kwijtgeraakt. We laten ons door de ander niet snel meer aanspreken; die ander lijkt vaak eerder de concurrent of zelfs onze vijand te zijn geworden.
Resonantie vind je misschien nog het meest in de natuur, in kunst en in religie. Kerken, zo stelt Rosa, beschikken juist over een verhaal, een ritueel arsenaal en ruimtes waar die aanspreekbaarheid — dat luisterende hart — geoefend en ervaren kan worden. “In de kerk kunnen we leren luisteren naar boven, naar buiten, en ons laten aanspreken. Dat doorbreekt de vanzelfsprekende tred.” “Waar resonantie ontstaat, waar ik echt stilsta en me verbind met wat me bereikt, transformeer ik. Ik begin de wereld anders te zien en te denken.”
Theologisch begint geloven dan ook bij ontvankelijkheid: ons openstellen, wachten op God, het verwachten van Hem. Ook in de kerk mogen we opnieuw worden aangesproken. Maar in de praktijk schiet die ontvankelijkheid er vaak bij in. In de kerk raken we soms verstrikt in de kramp om de krimp, gaan we harder rennen, meer organiseren — en verliezen we zo het vermogen om aangesproken en geraakt te worden.
Resonantie vergelijkt Rosa wel met het ervaren van muziek. “Zoals het spelen en het ervaren van muziek pas mogelijk worden gemaakt door resonantie tussen speler en instrument, tussen musici onderling en tussen hen en het publiek. Dat vraagt om een open, ontvankelijke houding. “Maar resonantie laat zich niet afdwingen. Ze is per definitie onbeschikbaar. Wat we wél kunnen doen, is ruimte scheppen — oefenplaatsen van ontvankelijkheid creëren. Rosa zegt: “Ik moet uit de agressiemodus stappen, stoppen met denken: Wat levert dit mij op? Wat kan ik controleren? In plaats daarvan moet ik mezelf blootgeven, kwetsbaar zijn. En dat is riskant in een maatschappij die draait om controle en groei.”
Religie biedt volgens Rosa precies de ruimtes waar zo’n houding geoefend kan worden.
“Ze herinnert ons eraan dat er een andere manier van leven mogelijk is dan een die alleen op groei gericht is.” Dat maakt ook duidelijk waarom het als kerk focussen op krimp en groei ons juist kan vervreemden van wat we in geloof kunnen ontvangen. In het christendom draait het er echter om dat we ons laten aanspreken en is ons bestaan in de kern een antwoordrelatie: “Ik heb je bij je naam geroepen, je bent van mij! Als dat geen oproep tot resonantie is! Religie heeft de kracht, een reservoir aan ideeën en een ritueel arsenaal vol liederen, gebaren, ruimtes, tradities en praktijken, die onze zinnen openen voor wat het betekent om geroepen te worden, om te resoneren.”
Met het nieuwe jaarthema willen we daarom op zoek naar zulke ruimtes van resonantie. Ruimtes waarin we oefenen in ontvankelijkheid en ons laten aanspreken — door anderen en door God. Dit komt niet alleen onszelf ten goede, maar ook de samenleving, en is tegelijk een geloofshouding: namelijk het te verwachten van God.
Het jaarthema komt terug in lezingen van Goudader en op de Startzondag van 14 september is het jaarthema geintroduceerd vanuit het verhaal van de Emmausgangers. Net als andere jaren hebben we het jaar in vier perioden verdeeld waarin die ruimtes van resonantie aan bod komen. Die ruimtes zijn: spelen, feesten, maken en eten. Elke periode wordt ingezet met een viering waarin een roepingsverhaal centraal staat en een profeet of een volk door God wordt aangesproken en in elke periode zal er een gemeente-activiteit zijn waarin we zo’n ruimte van spelen, feesten, maken en eten samen betreden.
Startzondag
Zondag 14 september, zijn we officieel begonnen met het jaarthema van 2025-2026.